In de Kort & Bondig van vorige maand zijn kort de ontwikkelingen met betrekking tot bedrijfssparen over de afgelopen jaren geschetst. Uit dit stukje geschiedschrijving bleek dat de Spaarloonregeling het langste bestaan heeft resp. had. Per 2012 wordt deze populaire bedrijfsspaarregeling afgeschaft.
In deze Kort & Bondig nemen we u mee naar de (onvoorspelbare?) toekomst van het bedrijfssparen.
Spaarloonregeling
Einde per 1 januari 2012
De Spaarloonregeling wordt per 1 januari 2012 afgeschaft.
Belastingvrij opnemen saldo per 2012
Volgens een uitspraak van de bewindslieden van het Ministerie van Financiën is het opgebouwde spaarloonsaldo met ingang van 1 januari 2012 belastingvrij op te nemen. Aan dit opnemen zijn verder geen voorwaarden verbonden:
- Het spaarloontegoed hoeft niet al 4 jaar geblokkeerd uit te staan.
- Het spaarloontegoed mag vrij worden opgenomen, ongeacht de reden die daaraan ten grondslag ligt.
Vervallen 'Box 3-vrijstelling'
Het geblokkeerde spaarloontegoed maakt geen onderdeel uit van het belaste vermogen. Anders dan bij het spaarsaldo dat op een 'normale' spaarrekening uit staat, is sprake van een vrijstelling van belastingheffing. Deze belastingheffing wordt ook wel aangeduid als 'Box 3-heffing' en bedraagt 1,2% over het vermogen voor zover dit meer bedraagt dan de belastingvrije voet.
Wordt in 2012 het spaarloontegoed opgenomen en wordt het saldo op een spaarrekening gestald, dan dient alsnog met 'Box 3-heffing' rekening te worden gehouden.
Om de eventuele 'Box 3-heffing' te voorkomen, kan er voor worden gekozen het per ultimo dit jaar opgebouwde spaarloonsaldo niet op te nemen maar te laten staan. In deze situatie blijven de 'oude' regels van toepassing: na elk spaarperiode van 4 jaar komt het betreffende spaarloontegoed belastingvrij ter beschikking. Gedurende deze periode is over dit saldo dus geen sprake van een 'Box 3-heffing'.
N.B.: daarmee blijft de Spaarloonregeling dus eigenlijk wel bestaan, echter zonder de mogelijkheid om verder door te sparen.
Spaarloon in combinatie met lijfrente: minder belastingvoordeel
Veel deelnemers aan de Spaarloonregeling gebruiken het maandelijkse spaarloonbedrag voor de betaling van de lijfrentepremie. Op deze wijze wordt een dubbele belastingaftrek gerealiseerd: (1) belastingvoordeel door mee te doen aan de Spaarloonregeling en (2) belastingvoordeel door de lijfrentepremie af te trekken. Met het vervallen van de Spaarloonregeling vervalt 1 belastingvoordeel. Het belastingvoordeel vanwege de fiscale aftrekbaarheid van de lijfrentepremie blijft bestaan. Uiteraard onder de voorwaarde dat er voldoende lijfrentepremie-aftrekruimte aanwezig is.
Spaarloon in combinatie met lijfrente: premiebetaling anders regelen
Het vervallen van de Spaarloonregeling is geen reden om de lijfrenteverzekering premievrij te maken. In de situatie dat de spaarloonbedragen worden aangewend voor de premiebetaling van de lijfrenteverzekering, zal de premiebetaling op andere wijze moeten worden geregeld. Let op: dit is een eigen verantwoordelijkheid van de verzekeringnemer richting de betrokken verzekeraar. Om achterstanden in de premiebetaling resp. het premievrij maken van de verzekering te voorkomen, verdient tijdig handelen aanbeveling!
Levensloopregeling
Einde per 1 januari 2012
De Levensloopregeling wordt per 1 januari 2012 afgeschaft. Niet in zijn geheel, maar deels, via een zogenaamde 'overgangsregeling'.
De Levensloopregeling in het kort
De Levensloopregeling houdt in dat een werknemer maximaal 12% van zijn bruto loon op jaarbasis mag sparen. Het sparen vindt plaats op het bruto loon vóór belastingheffing. Vergelijkbaar aan de Spaarloonregeling. Meedoen aan de Levensloopregeling leidt dus tot een belastingvoordeel.
Het spaartegoed mag niet meer bedragen dan 210% van het bruto loon. Opname van het spaartegoed is bestemd voor financiering van verlof. Hetgeen tijdens de verlofperiode wordt opgenomen is belast. Gedurende de uitkeringsperiode bestaat recht op een zogenaamde 'levensloopverlofkorting'.
Gelijktijdig meedoen aan de Spaarloonregeling en de Levensloopregeling is niet mogelijk. Jaarlijks dient voor één van beide regelingen een keuze te worden gemaakt.
De praktijk heeft uitgewezen dat niet massaal is deelgenomen aan de Levensloopregeling. Dit valt waarschijnlijk te verklaren door de hoge deelnamegraad aan de Spaarloonregeling.
Overgangsregeling
De Levensloopregeling wordt vanaf 2012 open gehouden voor deelnemers die op 31 december 2011 een levensloopsaldo hebben uitstaan van tenminste € 3.000. Deze deelnemers blijven de mogelijkheid houden om óók in 2012 te blijven doorsparen binnen de Levensloopregeling.
Vanaf 2012 wordt geen 'levensloopverlofkorting' meer opgebouwd. De tot 2012 opgebouwde 'levensloopverlofkorting' blijft behouden.
Deelnemers met op 31 december 2011 een saldo lager dan € 3.000, kunnen het tegoed in 2012 of 2013 opnemen voor verlof.
Alle deelnemers aan de Levensloopregeling kunnen in 2013 hun levenslooptegoed zonder belastingheffing omzetten in zogenaamd 'Vitaliteits-sparen'. Bij deelnemers met op 31 december 2011 een saldo lager dan € 3.000, die hun tegoed niet omzetten in verlof en in 2013 niet omzetten in de Vitaliteitsregeling, wordt het tegoed op 31 december 2013 in één keer belast.
Levensloopregeling versus Vitaliteitsregeling
Het is niet mogelijk om gelijktijdig aan beide regelingen deel te nemen. Het is ook niet mogelijk na deelname aan de Vitaliteitsregeling terug te keren naar de Levensloopregeling
Vitaliteitsregeling
Start per 1 januari 2013
De Vitaliteitsregeling start per 1 januari 2013 en vervangt dus de Spaarloonregeling en (deels) de Levensloopregeling.
De 'Vitaliteitsregeling' in hoofdlijnen
'Vitaliteits-sparen' stelt de deelnemer in staat fiscaal voordelig te sparen. De stortingen zijn in Box 1 aftrekbaar van het inkomen voor belastingheffing. In feite wordt dus vanuit netto inkomen gespaard, waarna de aftrek wordt geclaimd via de Aangifte Inkomstenbelasting. Vergelijkbaar aan de lijfrentesystematiek. Dit is dus anders dan de systematiek bij de Spaarloonregeling en de Levensloopregeling, waar via het bruto loon, via de salarisadministratie wordt gespaard.
Jaarlijks mag maximaal € 5.000 op jaarbasis worden gespaard. Het spaartegoed mag maximaal € 20.000 bedragen. Evenals bij de Spaarloonregeling en de Levensloopregeling maakt het spaartegoed maakt geen onderdeel uit van het in Box 3 belaste vermogen.
Anders dan bij de Spaarloonregeling en de Levensloopregeling staat deelname niet alleen open voor werknemers, maar ook voor 'ZZP-ers' en ondernemers.
Belastingheffing vindt in Box 1 plaats zodra het tegoed wordt opgenomen. Aan de opname van het tegoed na de 62-jarige leeftijd is de beperking gesteld dat maximaal € 10.000 per jaar mag worden opgenomen.
Er gelden geen opnamedoelen: het saldo is naar eigen inzicht te besteden. De regeling is bedoeld om in situaties van 'werk naar werk' of bij gebrek aan betaalde opdrachten in (aanvullend) inkomen te voorzien.
Wettelijke status
Zowel:
- het afschaffen van de Spaarloonregeling,
- het (gedeeltelijk) afschaffen van de Levensloopregeling en
- het opstarten van de Vitaliteitsregeling
maakt onderdeel uit van het zogenaamde 'Belastingplan 2012'. Dit Plan dient nog door de Tweede en Eerste Kamer te worden geaccepteerd. Na dit akkoord kunnen de voorstellen tot wetgeving worden verwerkt. Ten aanzien van het vorenstaande is enig voorbehoud dus op zijn plaats.